Slow Food Slow Life
SlowFood   -  SlowLife


 
Leef langzaam,
geniet meer
SlowFood, Slow Life,
Slow lifers
Weg met fastfood,
leve 't slowfood
Slow-stroming
biedt redding


‘ Alle leeftijdscategorieën krijgen nu speciaal verzonnen en afgepaste voedingsmiddelen aangeboden. Amerikaanse kinderen smeren pindakaas op hun brood, Italiaanse kinderen smeerkaas of zalmpasta en allemaal drinken ze er iets bij waar het woord ‘cola’ in zit. We moeten ons persoonlijk en collectief erfgoed, ons kritisch vermogen en onze smaak weer zien te herstellen.’ Carlo Petrini

Kwaliteit van Leven is Kwaliteit van Eten

De tijd vliegt voorbij. In onze haast ervaren wij het leven, zonder de smaak te proeven van het moment.
Slow food is deels een reactie op de komst van Fast Food. De Slow Food organisatie telt zo’n 80.000 leden en is in 1986 opgericht door Carlo Petrini, een Italiaanse fijnproever en culinair journalist.

De Ingrediënten

De ingrediënten zijn alles bepalend voor de smaak, voor het resultaat. Als de kwaliteit van de ingrediënten goed is, kan men alleen maar verwachten dat het resultaat een hoge kwaliteit bevat

 

Het Genot

Slow Food staat voor kwaliteit van eten en bovenal voor kwaliteit van genot. Genieten en de tijd nemen om het eten voor te bereiden en te nuttigen is een belangrijk uitgangspunt in het leven van de ‘langzame’. Niet alleen de tijd als een statisch instrument, maar vooral de gebeurtenissen in tijd, zoals het proeven, het ruiken, het voelen en het zien geven dynamiek aan deze traagheid.

Wie Bewaakt de Kwaliteit?

Niet het 'hap snap' Fast Food beleid, maar overdenkingen, bewustwording en het stellen van de juiste doelen moeten de basis vormen.  Wat wil je nu werkelijk bereiden en hoe ga je dit bereiken? Een simpele vraag met een ‘Slow’ antwoord.
Wie bewaakt er de kwaliteit van het eten? Wie zorgt ervoor dat de ingrediënten in een passende hoeveelheid in het gerecht worden verwerkt? Wie zorgt ervoor dat het eten niet te lang doorkookt? En wie zorgt ervoor dat de kwaliteit zich blijft ontwikkelen?

Met dank aan Linde Elise Breunis

Slow Food, de internationale beweging die zich inzet voor een evenwichtiger voedselsysteem, viert op 10 december (Terra Madre-dag) 2014 zijn 25-jarig bestaan. Wereldwijd zullen meer dan honderdduizend mensen deelnemen aan talloze evenementen die draaien rond de Ark van de Smaak, de catalogus van bedreigde voedselproducten van Slow Food.


In Nederland, waar Slow Food momenteel rond de 3000 leden telt, staan een twintigtal evenementen op de rol. Die variëren van kooksessies met lokale Ark-producten tot lezingen over het belang van voedseldiversiteit. De evenementen zijn te vinden op de website van Slow Food Nederland: www.slowfood.nl.

Slow Food is in 1989 in Italië opgericht als een verzetsbeweging tegen het snel oprukkende fenomeen “fast food”. Centraal stonden de begrippen “Lekker, puur en eerlijk” – smakelijk, duurzaam geproduceerd voedsel waar de producent een redelijke prijs voor krijgt. In de filosofie van Slow Food spelen voorts kleinschaligheid, ambachtelijkheid en lokale herkomst van voedselproducten een belangrijke rol.

In de loop van zijn 25-jarige historie is Slow Food zich steeds meer gaan richten op het behoud van biodiversiteit in de voedselketen. Die staat de laatste decennia onder grote druk: 90 procent van de wereldvoedselconsumptie is afkomstig van een vijftigtal producten. Een potentieel uiterst kwetsbaar voedselsysteem is het resultaat.

Via de Ark van de Smaak levert Slow Food al twee decennia een unieke bijdrage aan het behoud van voedseldiversiteit. De Ark is een dagelijks groeiende verzameling van bedreigde, bijna vergeten groente- en fruitvariëteiten, dierenrassen en –soorten, vangst-, fok- en teeltmethoden, halffabrikaten en eindproducten.

Wereldwijd telt de Ark momenteel een kleine 2000 producten, waarvan 60 in Nederland. Die lopen uiteen van het bijna verdwenen Sint-Jansrogge en de duurzame staandwantvisserij in de Waddenzee tot traditionele Amsterdamse ossenworst en Texelse schapenkaas. Mede dank zij de inspanningen van Slow Food vinden zij steeds vaker hun weg naar de consument en de horeca: de Slow Food Chef’s Alliantie, waarin zich meer dan 50 professionals verenigen, stimuleert het gebruik van Ark-producten in de aangesloten restaurants, instellingskeukens en cateringbedrijven.

Slow Food maakt zich ook sterk voor een nauwere band tussen consument en producent. Zij ontmoeten elkaar in de 20 plaatselijke afdelingen (convivia) die Slow Food Nederland telt. De convivia organiseren proeverijen, workshops, excursies en streekmarkten. Surf voor een uitgebreide agenda naar www.slowfood.nl.

Slow Food International is actief in 150 landen. Het ledental staat wereldwijd op 100.000.

De 20 evenementen zijn in (alfabetisch) Amsterdam, Bergeijk, Cothen, De Koog, Den Burg, Driebergen, Kortenhoef, Lauwersoog, Leeuwarden, Ottoland, Rotterdam, Ryptsjerk, Westervelde, Winterswijk en Zwolle.
 


Slowlife, op tijd gas terug nemen, genieten van het leven, genieten van eten, zijn, leef met de seizoenen, werken, maar wel met plezier. Slowlife, een levenshouding.
 

Leef langzaam, geniet meer

▲Top


Het leven hoeft niet altijd snel, snel, snel te gaan. Meer mensen ontdekken slow als antwoord op oppervlakkige, haastige contacten. Niet om het moderne leven af te zweren, maar om er meer van te genieten. Marco Visscher, Ode’s jongste en razende reporter, onderzocht een nieuw fenomeen – en probeerde het uit.
Zijn het de kronkelige wegen of de indrukwekkende vergezichten, waardoor onze huurauto in een ongehoord laag tempo zijn weg vindt in de Chiantistreek in Toscane? Op zoek naar rust in een rusteloos lijf schrijden we voort door het groene, glooiende landschap vol druivenranken en olijfbomen. In de schilderachtige middeleeuwse dorpjes lijkt de tijd te zijn stilgezet. Soms is het leven verrukkelijk – en Toscane lijkt ervoor gemaakt daarvan het bewijs te zijn.
De burgemeester van Castelnuovo Berardenga, het dorp waar wij verblijven, zegt het ook. ‘Het is gemakkelijker om van het leven te genieten als je het langzaam beleeft. Met mijn dorp wil ik iets creëren dat mensen toestaat uit te rusten, een plek waar rust en aandacht natuurverschijnselen zijn.’

Simone Brogi is één van de eerste burgemeesters die zich aansloot bij Citta Slow, een groeiend netwerk van stadjes die het turboleven willen uitbannen. Ze investeren niet zozeer in betere snelwegen, maar in fiets- en wandelpaden. Ze zijn meer geïnteresseerd in bescherming van parken en restauratie van oude gebouwen dan in nieuwbouwprojecten. Ze leggen beperkingen op aan grote winkelketens en gunnen lokale, kleinschalige winkels de beste plekken in het stadscentrum. Ze stimuleren boeren om op natuurvriendelijke wijze traditionele, lokale producten te verbouwen. Maar, waarschuwt Brogi, ‘het is eerder een filosofie dan een concrete actielijst.’
Als onze typisch Toscaanse lunch erop zit, maken we een wandeling door zijn stadje. Op deze doordeweekse dag is het rustig op straat, verklaart Brogi. Maar het is moeilijk voor te stellen, dat het hier ooit bruist. Vrees dat toeristen het trage tempo verstoren, heeft hij niet. ‘Ik hoop’, zegt Brogi, ‘dat mensen die hier komen juist iets meenemen van de slow experience. Dat ze eenmaal thuis contacten zullen leggen, dat ze mensen aankijken en groeten op straat. Tijd nemen voor elkaar, daar draait het uiteindelijk allemaal om.’

Brogi’s wens om het tempo terug te draaien in Castelnuovo Berardenga is een exponent van een opmerkelijk nieuw wereldwijd verschijnsel. De vrijwel permanente haast van het moderne leven maakt bij steeds meer mensen een diep verlangen naar meer tijd, naar meer rust los. Ze willen vertragen. Ze willen meer tijd voor hun familie en vrienden. Ze willen – in een nieuw trefwoord – slow.
Slow? Langzaam? Is dat niet iets van vroeger? Zelf hou ik wel van een beetje vaart. Ik heb weliswaar geen auto, maar in de tien minuten die ik dagelijks op de fiets doorbreng tussen mijn appartement en Ode’s voordeur trap ik flink op de pedalen. Op de dansvloer haat ik slome nummers, de afwas gaat hup, in de vaatwasser, en eten en de krant lezen gaan volgens mij perfect samen. En nu wil Ode dat ik – uitgerekend ik – reis naar een Italiaans gehucht waar de tijd stil staat, om mij aan te passen aan het slow life?
Moderne stadsmensen als ik hebben het druk, druk, druk – en daar zijn we trots op. Een volle agenda betekent een actief sociaal leven. Zo rijgen we de ene vluchtige ontmoeting aan de andere. Rust is iets voor de vakantie, een georganiseerde reis waar zoveel mogelijk bezienswaardigheden op een druk programma staan. Rust is iets voor oude mensen – of beter nog: rust is iets voor ná het leven.

Snel staat gelijk aan goed, aan vooruitgang. We gaan op een snel dieet (‘Nu slank in 8 dagen!’) en als dat niet werkt, is er liposuctie. We halen Chinees of laten pizza’s bezorgen en als we dan eens in de keuken staan te koken, is er een magnetron. We verwachten van de huisarts geen luisterend oor meer, maar een pil die meteen werkt. Voor wie een relatie wil, is er speed-dating, zodat je in zo kort mogelijke tijd zoveel mogelijk mensen kunt scannen. Om ouders te helpen met vaak tijdrovende voorleesverhaaltjes zijn er speciale sprookjes die maar één minuut duren.
Dit is geen vingerwijzing naar al degenen die alleen de hogere versnelling weten te vinden. Ook ik probeer overal en altijd een paar minuten te winnen, zelfs een paar seconden. Altijd voel ik me opgejaagd, bang om iets te missen, bang dat het feest in een andere zaal is. In de rij bij de supermarkt kijk ik met een schuin oog naar andere rijen: zal ik toch dáár gaan staan? Ik ben bepaald niet alleen. We lijden collectief aan tijdziekte, of time-sickness, het woord dat de Amerikaanse arts Larry Dossey in 1982 verzon voor het obsessieve geloof dat er niet genoeg tijd is en dat je dus sneller moet gaan om bij te blijven. Hoe anders valt te verklaren dat steeds meer mensen last hebben van de gevolgen van een gehaast leven: stress, slapeloosheid, migraine, zwaarlijvigheid?
Ik ben eind twintig, en enkele van mijn vrienden zijn al geveld door wat ze een burn-out noemen, of nog moderner: een quarterlife crisis, het jongere broertje van de midlife crisis. Wat wordt de naam van de aandoening voor kinderen die vanwege muzieklessen, sport, toneel en een televisieverslaving geen tijd meer hebben om gewoon te spelen en te lummelen – zeg maar, om kind te zijn?

In weerwil van deze trend kiest een groeiende minderheid voor meer rust in het leven, niet in de laatste plaats om hun gezondheid te redden, maar zeker ook om meer van het leven te genieten. Meer mensen ruilen een werkdag in voor minder salaris en meer tijd. Ze verzorgen hun lichaam niet langer met fitness of aerobics, maar met yoga en tai chi. Ze verruilen de geneeskunde van de zogenaamde quick fix voor andere, meer holistische benaderingen van gezondheid. Ze nemen meer tijd om lekker te koken, om te mediteren, om vrienden te bezoeken, of om hun seksleven minder hijgerig en beter te maken. Kortom, in hun keuze voor slow vinden ze meer kwaliteit in een snel leven.
Als je gehaast leeft, vertellen vrienden die streven naar meer rust, blijft alles oppervlakkig. Je kunt zo geen werkelijke verbinding maken met de wereld, met anderen of met jezelf. Het is eigenlijk een vreemde paradox: de belangrijkste reden waarom mensen gas terug nemen, is omdat ze (nog altijd) denken dat ze te veel missen en dus eigenlijk meer willen ervaren.
Hoewel het hier geen officiële beweging betreft met woordvoerders en een eigen website, is de eerste kroniek al geschreven: het uiterst vermakelijke In Praise of Slowness (Alfred A. Knoff, 2004) door de Canadese journalist Carl Honore, dat na de zomer in Nederlandse vertaling verschijnt bij uitgeverij Lemniscaat. Het boek somt allerlei maatschappelijke ontwikkelingen op die zouden wijzen op een algehele vertraging van de cultuur: van het belang van wandelen via de populariteit van tantrische seks tot thuisonderwijs, een antwoord van ouders op de reguliere scholen die kinderen dwingen in korte tijd veel kennis tot zich te nemen in een tempo dat niet het hunne is.

Er lijken belangrijke argumenten te bestaan om te kiezen voor slow, voor een stap terug. Minder werken – het startpunt van vele zoektochten naar een prettiger, evenwichtiger leven – hoeft voor het bedrijf niet te betekenen dat het minder effectief is. Met gemiddeld zes weken vakantie blijken Europese bedrijven toch te kunnen concurreren met Amerikaanse, die slechts twee vakantieweken hebben. In de Verenigde Staten voert Take Back Your Time met een groeiende aanhang campagne om naar Europese voorbeeld de vakanties te verlengen.
Hoge werkdruk en lange uren op kantoor worden vaak verward met effectiviteit. In organisaties gaat veel tijd onnodig verloren. Problemen worden met verbetenheid aangepakt en dat slurpt tijd en energie. Steeds meer schrijvers van managementboeken zijn het erover eens, dat de beste manier om een probleem op te lossen, luidt: achterover leunen met je benen op het bureau. (Albert Einstein schijnt hierom berucht te zijn geweest bij zijn collega’s.) Loslaten betekent een kans voor nieuwe inzichten en creativiteit. Bij 3M, bekend van de gele memoblaadjes, is het zelfs voor personeelsleden verplicht vijftien procent van hun tijd te lummelen. Met succes, zo lijkt het. Vernieuwende producten komen in een stijgend tempo op de markt.
Consultant Tom de Marco pleit hartstochtelijk voor meer ruimte in een onderneming om terug te blikken of vooruit te kijken. Slack noemt hij dat, evenals het boek dat daarover gaat. Slack betekent dat je keuzes kunt maken. Niets is belangrijker dan dat, want op dagen zonder keuze – dagen die worden geregeerd door een bomvolle agenda – kun je niet groeien. Voor groei is rust nodig. Macro-economen, opgelet: dit betekent meer werkgelegenheid, want een gezonde onderneming heeft juist een ruim personeelsbestand.

Rust en aandacht. Dat is wat Simone Brogi nastreeft in Castelnuovo Berardenga, het mooie dorp in Toscane. Aandacht heb ik zeker voor de heerlijke Chianti’s die hier worden geschonken, maar met de rust wil het niet vlotten. Er zijn nog een paar e-mailtjes die ik wil versturen en aan het einde van onze ontmoeting stel ik voor nog even naar zijn kantoor te gaan. Maar dan! Dan blijkt dat Brogi helemaal geen computer heeft. Van internetcafés heeft niemand hier gehoord en het begint ons te dagen, dat Toscaanse dorpjes misschien iets te goed zijn uitgerust voor het slow life…
We besluiten door te rijden naar Bra, een provinciestad met 28 duizend inwoners, vlak onder Turijn, in het meer geïndustrialiseerde noorden van Italië. Hier is vijf jaar geleden het netwerk van slow cities begonnen. Het omvat inmiddels ook stadjes uit Noorwegen en Engeland en behandelt verzoeken uit Duitsland, Australië en Japan. Bruna Sibille, loco-burgemeester van Bra, was de initiator, en met haar hebben we een afspraak. Na een urenlange autorit, waarbij we de snelheidslimiet schandalig hebben overtreden in een nipt geslaagde poging op tijd te arriveren, ontmoeten we Sibille, die het – echt waar! – veel te druk blijkt te hebben.
Tijdens onze korte ontmoeting rinkelt haar mobiele telefoon voortdurend. Sibille is dan ook geen technofoob. ‘Wij zoeken naar manieren om een balans te vinden tussen het moderne en het traditionele, zodat we een prettig leven kunnen hebben’, ratelt ze. ‘Modern en slow zijn geen tegenpolen. Slow is gewoon een strategie om modernisering richting en betekenis te geven.’ Dan vliegt Bruna Sibille weg, naar een nieuwe afspraak.

Kijk, dít is de slow die meer bij het moderne leven past. Al dat gepraat over langzamer leven klinkt wel aantrekkelijk, maar het is nogal onhaalbaar alles in een slakkengang te doen. Daar gaat het kennelijk niet om. Het gaat om het recht zelf te bepalen wat je tempo is.
Sibilles curieuze mix van snel en slow was voor mij een bevrijdende eye-opener. Ik had nooit echt stilgestaan bij de mogelijkheid slow te gaan wanneer ik dat eigenlijk wilde. Maar wie zegt ons dat je – om maar eens wat te noemen – altijd overal onmiddellijk een mening over moet hebben? Heeft het niet meer waarde om tijd voor reflectie in te bouwen voor we onze mening de wereld in sturen? In ieder geval komen bij míj de beste ideeën als ik in bad zit of een wandeling maak, níet als ik hard aan het nadenken ben. En waarom zouden we snel moeten eten? Alleen omdat de mogelijkheden er nu eenmaal zijn? Hoe kun je eigenlijk nog denken dat je tijd verspilt wanneer je minder dingen met meer aandacht doet?
Niet lang geleden was ik erg gecharmeerd van het idee om razendsnel te kunnen lezen, zoals die ene man dat kon in een reclamespot waar ik toevallig langs zapte. Eindelijk zou ik al die boeken kunnen doorspitten, die ongelezen in de boekenkast of op mijn immer uitdijende verlanglijst staan. Het studiemateriaal was inmiddels op de deurmat geploft, maar ik had – hoe ironisch – nog geen tijd gevonden eraan te beginnen. Nu begon ik opeens bedenkingen te krijgen. Het is toch eigenlijk heerlijk om met een goede roman even bij te komen en om jezelf helemaal te verliezen in een verhaal? Gaat het niet óók om de ervaring van het lezen zelf? Zou dat plezier niet volledig verdwijnen als ik een enkele bladzijde in vier luttele seconden uit zou hebben? In Bra besloot ik dat snellezen mijn honger naar boeken alleen maar zou aanwakkeren; het lesmateriaal zou ik retour zenden.
Begon ik het te leren?

In Bra lopen we nieuwsgierig rond, op zoek naar tekenen dat het hier een slow city betreft, ondanks de aanwezigheid van internetwinkeltjes. Zou het gebrek aan opvallende neonreclame en uithangborden – een doorn in het oog van moderne steden – misschien onderdeel zijn van Sibilles campagne? Navraag leert van niet. Speerpunt van haar beleid is de beperkte toegang van auto’s in het stadscentrum. Een ondankbare politieke belofte, want Italianen zijn verknocht aan hun auto.
Herstel, niet alléén Italianen. Te hard rijden wordt wereldwijd niet zozeer als een wetsovertreding ervaren, maar als een volkssport. Behalve dat te hoge snelheden verantwoordelijk zijn voor de meeste verkeersdoden, heeft hard rijden in de stad, over korte afstanden, zelden zin. Omdat verkeerslichten steeds vaker op elkaar zijn afgestemd, zul je vaker voor een rood verkeerslicht staan.
Lokale overheden – niet louter die van slow cities – doen meer dan ooit hun best de snelheid op hun wegen te minderen. Verkeersdrempels, radarcamera’s, eenrichtingsverkeerwegen, campagnes tegen bumperrijden en het terugdringen van de maximumsnelheid behoren tot de maatregelen die overal worden genomen – vrijwel altijd na een succesvolle lobby van bewonersverenigingen. Studies wijzen uit dat er een correlatie is tussen de aanwezigheid van auto’s en het gemeenschapsgevoel: hoe minder verkeer er door een straat gaat, en hoe langzamer het gaat, hoe meer sociale contacten buren met elkaar hebben.

Om de hoek van het gemeentehuis in Bra waar Sibille haar visie op een slow city probeert in te voeren, zit het hoofdkwartier van Slow Food. Deze organisatie is meer dan een ludiek antwoord op Amerikaanse hamburgertenten. Slow Food strijdt niet alleen voor het behoud van goede tradities in de cultivering, bereiding en consumptie van streekproducten, maar wil de cultuur van snelheid ombuigen. Zoals het oprichtingsmanifest uit 1989 meldt: ‘We moeten ons verdedigen tegen de algehele waanzin van het fast life door rustig te genieten van de dingen des levens.’
Als we tegenover Roberto Burdese, vice-president van Slow Food, zitten, begin ik maar met een ontboezeming: ik eet soms een broodje kroket. Een uitbrander blijft me bespaard. ‘Onze strijd keert zich niet tegen kroketten of patat, maar tegen vervlakking’, verbetert Burdese. ‘Wij komen op voor diversiteit in alle facetten. Wij willen het recht op een gevarieerd aanbod in onze voeding en wij zien aanleiding te twijfelen aan het voortbestaan van die diversiteit. Voeding moet goedkoop zijn, is de dominante visie. Dat heeft voeding tot massaproducten gemaakt. Maar waarom zou je iedere dag een tomaat moeten kunnen eten? Tomaten komen soms van duizenden kilometers verderop, op de boot gezet toen ze nog groen waren en voor de snelle groei voorzien van chemicaliën. Dit is waanzin. Het is de waanzin van een samenleving die haast en productiviteit tot hoogste waarden heeft uitgeroepen.’
Burdese ziet Slow Food – 80 duizend leden in meer dan honderd landen – graag als de voorbode van een nieuwe maatschappelijke trend. Maar is de keukentafel wel de meest geschikte plaats om een revolutie voor een langzamer leven te beginnen? ‘Het is de perfecte plaats’, meent Burdese. ‘Het is de plaats waar je kunt praten met je familie en vrienden, waar je jezelf kunt vermaken. De lunch en het diner behoren tot de belangrijkste moment van de dag. Er is geen betere plaats om nog eens te overwegen hoe je jouw leven wil leiden.’

Die avond kiezen wij voor slow in Osteria del Boccondivino, een restaurant in Bra dat – geheel volgens de filosofie van Slow Food – al sinds de jaren tachtig een combinatie van goede streekgerechten en kwaliteitswijnen voor een redelijke prijs biedt. We praten over het leven, onszelf, de wereld en – terwijl we vooral langzaam eten en drinken om er inderdaad meer van te genieten – over hoe het moordende tempo de samenleving belast.
Zou dit nu zo’n typisch westers luxeprobleem zijn? De wereld vergaat immers niet, beginnen we optimistisch. Hoewel… Globalisering stuwt de hele wereld naar een hogere versnelling. Culturen die leven bij seizoenswisselingen, de zon en de maan en niet bij digitale klokken en kalenders, worden meegezogen in een alsmaar duizelingwekkender tempo van de westerse wereld. Niet voor niets is globalisering wel eens omschreven als een ‘survival of the fastest’. En om een ander citaat aan te halen: Klaus Schwab, de Zwitserse grondlegger van het World Economic Forum, beweerde eens: ‘Van een plaats waarin de grotere de kleinere verslaan, verandert de wereld in een plaats waarin de snellere de langzamere verslaan.’
Hoe dat ongeveer gaat, valt te lezen in een boek dat lang geleden is geschreven, ruim voordat ‘globalisering’ een buzz-word werd. In Momo en de tijdspaarders beschrijft de Duitse meesterverteller Michael Ende hoe ‘tijddieven’ de bewoners van een dorp hebben overgehaald om tijd te besparen in plaats van tijd te maken voor een praatje, burenhulp of andere sociale activiteiten. Met als hoogtepunt de verbouwing van het dorpscafé tot snackbar deed het moderne leven zijn intrede. Gevolg: hoe meer de mensen probeerden tijd te besparen, hoe minder tijd ze naar hun eigen gevoel overhielden. Met de verspreiding van de mondiale economie reist deze paradox nu als een virus over de wereld.

Tijdens het nagerecht bespraken we Burdeses constatering dat we in onze haastige samenleving het contact met de natuur dreigen te verliezen. Ik herinner me het essay van natuurkundige Fritjof Capra, twee Odes geleden: ‘Het tempo waarin de biotechnologie veranderingen in de genen aanbrengt ligt vele malen hoger dan het tempo waarin de natuur dit doet.’ De werkwijze kan veel schade aan de natuur aanbrengen.
Met de zichzelf voorbijrazende technologische vernieuwingen zijn economie, politiek en cultuur in een eeuwige strijd om niet achter te blijven. Dit zijn tijden van exponentiële groei (1, 2, 4, 8, 16, etc), maar mensen zijn gewend te leven in een tempo dat geleidelijk gaat (1, 2, 3, 4, 5, etc.). De constatering komt van The Long Now Foundation, die zich retorisch afvraagt of een steeds snellere opeenstapeling van veranderingen alles beter maakt of tijdelijk.
Hoe kan een samenleving werkelijk duurzaam zijn als ze is gebaseerd op economische principes die de maatschappij sturen in een exponentiële drang naar meer, meer, meer en alsmaar sneller? Een rekenmachine moet toch ook meer kunnen dan alleen maar optellen?

Terug in Nederland. Acht berichten op de voicemail, vier SMS’jes, 126 ongelezen e-mails. De hele week is al volgeboekt met bezoekjes en afspraken. Een week lang verplicht leven in Italiaanse slow cities heeft ons leven tijdelijk vertraagd, maar de realiteit van Rotterdam is er eentje van een druk programma.
Toch ligt hier, in het moderne leven, de uitdaging. Geen modern mens zal nog verlangen naar de rust – én de saaiheid – van de jaren vijftig. De prikkelingen, de kansen en de keuzes van deze tijd geven levens kleur en zin. Dat zijn verworvenheden. Toch razen we in onze vooruitgang ook regelmatig onze doelen voorbij. Gaan we te snel. Doen we te veel. En verliezen we de tijd voor de essentiële ervaringen – vriendschap, familie, liefde, natuur – die het leven betekenis geven. De keuze voor slow is dan ook niets minder dan een keuze voor kwaliteit en behoud.
Met dat in Italië gewonnen besef blader ik door mijn volle Rotterdamse agenda. Ik vraag me af hoe al die afspraken daar terecht zijn gekomen. Ik zie de uitdaging: steeds weer je eigen keuze maken, je eigen tempo bepalen, je tijd zelf indelen.
Het is allemaal zo simpel. Vanavond eerst maar eens lekker koken, daarna een goed boek. Even bijkomen.

Marco Visscher
Dit verscheen in Ode nummer: 68
www.ode.nl

 
SlowFood, Slow Life

▲Top


Hectisch, hectisch, hectisch: zo ziet het leven van de moderne mens er volgens de ‘slow lifers’ uit. Het is een levensstijl waarbij het basispunt is dat het gemakkelijker is om van het leven te genieten als je het langzaam beleeft.

Maar de moderne wereld en het slow concept zijn geen tegenpolen. Slow is een strategie om modernisering richting en betekenis te geven, want langzamer leven klinkt aantrekkelijk, maar het is nogal onhaalbaar alles in een slakkengang te doen. Daar gaat het dus niet om. Het gaat om het recht zelf te bepalen wat je tempo is.

Het slowfood verhaal begint, hoe kan het ook anders, met fastfood. In 1986 is de Italiaanse fijnproever en culinair journalist Carlo Petrini vreselijk ontzet over de opening van een Amerikaanse hamburgertent op de Piazza di Spagna te Rome. Hij verzamelt een aantal bevriende wijn- en foodliefhebbers om de kunst van het genieten en de filosofie van het proeven te verspreiden. Centraal daarbij staat steeds het gezellig culinair samenzijn : de convivialiteit. Eind 1989 wordt de International Slow Food Movement opgericht met een heus Slow food Manifest. Als logo wordt het ultieme symbool van de traagheid gekozen : de slak.

 
Weg met fastfood, leve 't slowfood

▲Top


De wetenschap heeft slow food ontdekt. Morgen organiseert Wageningen Universiteit een congres over de terugkeer van ambachtelijke gerechten en meer verscheidenheid in de maaltijd. Met kanttekeningen, "Sommige traditionele gerechten gaan totaal voorbij aan het welzijn van dieren." De slowbeweging is ontstaan in Italië, waar men wilde terugkeren naar oude waarden en het fastfood buiten de deur wilde houden.

De slowfoodbeweging heeft inmiddels navolging gevonden in slowcities, slowsex, slowmusic, slowreading, enzovoorts. In alle gevallen draait het om evenwicht, op het werk en in de privésfeer. Aandacht voor de dingen die het leven de moeite waard maken, zou volgens de aanhangers een betere gezondheid, een gezonder milieu en hechtere gemeenschappen opleveren. Slow is niet per se minder of trager, maar wel rustiger en minder gehaast. In het boek Slow van Carl Honoré worden alle vormen van de slowbeweging toegelicht.

Volgens Michiel Korthals, hoogleraar Toegepaste Filosofie aan de Wageningen Universiteit, heeft de wetenschap de afgelopen tien jaar de nadruk gelegd op de ontwikkeling van fastfood. Mede onder invloed van de groeiende slowfoodbeweging wordt de laatste tijd echter meer aandacht aan de kwaliteit van het eten. De slowfoodbeweging, die zich afzet tegen McDonald's en pleit voor genieten van eten met smaak, heeft zo'n hoge vlucht kunnen nemen doordat consumenten bewuster zijn geworden van de gevolgen van ongezond eten. Inmiddels telt de wereld meer mensen met overgewicht dan mensen die honger lijden, aldus Korthals.

Aanhangers van slowfood willen voorkomen dat streekgerechten en hun specifieke bereidingswijze door tijdgebrek of gebrek aan belangstelling verloren gaan. Toch kleven er ook nadelen aan bepaalde tradities, meent Korthals. "Een traditioneel gerecht met zangvogeltjes in Italië of de foie gras in Frankrijk gaan totaal voorbij aan het welzijn van dieren. Dat is ook belangrijk om in te zien."

De wetenschap verdiept zich sinds kort in slowfood, maar telers en restauranthouders hebben het fenomeen al eerder ontdekt. Dieneke Klompe bijvoorbeeld is sinds 2000 biologisch boerin in het Zeeuwse Zonnemaire. Zij gelooft heilig in de slowfoodbeweging. Authentieke gewassen als blauwe suikermaïs, Brave Hendrik, citroenkomkommers en gebleekte zeekool vinden gretig aftrek. Klompe, "Ik krijg steeds meer klanten. Zelfs horecagroothandelaren als de Sligro behoren inmiddels tot mijn vaste klantenkring. Zeven restaurants nemen mijn producten af."

Ook het restaurant De Hoop op D'Swarte Walvis in Zaandam legt zich al enkele jaren toe op het bereiden van slowfoodgerechten. Souschef Mark Wunderink is enthousiast over de ambachtelijke producten, "De groenten die op biologische wijze geteelt worden zijn gewoon veel smaakvoller. Als je gewassen in de juiste seizoenen, zonder bestrijdingsmiddelen teelt, proef je dat aan het eindresultaat." Tijd om te genieten!

Bron: Algemeen Dagblad

 
Onthaasting kan het kapitalisme redden - Carl Honoré

▲Top


Velen onder ons leven tegenwoordig in een hels tempo en betalen er een hoge prijs voor. Ons werk, onze gezondheid en onze relatie lijden hieronder. In zijn boek Slow beschrijft Carl Honoré hoe een wereldwijde stroming de ‘snelheidscultus’ in twijfel trekt. Traag leven betekent beter leven in een hectische moderne wereld door de balans op te maken tussen snel en langzaam. Op basis van een mengeling van anekdotes, reportages, ervaringen uit de eerste hand, geschiedenis en intellectueel onderzoek legt Honoré uit hoe alles zo versneld werd en waarom onthaasting voor iedereen positieve resultaten oplevert, ongeacht rang of stand. Om de voordelen van onthaasting te illustreren, trekt hij in zijn boek van een tantristische sexworkshop in Londen naar een meditatiekamer voor kaderleden in Tokio, van een Chi Kung squashles in Edinburgh naar een superslow fitnesscentrum in New York City, van een TV-loos gezin in Toronto naar Italië, de bakermat van Slow Food-, Slow Cities- en Slow Sex-stromingen. Waar je ook gaat, wat je ook doet, de boodschap blijft dezelfde : trager is vaak beter. De auteur werd geboren in Schotland, maar groeide op in Canada. Nadat hij afstudeerde aan de universiteit van Edinburgh, werkte hij een tijd met straatkinderen in Brazilië. Vanaf 1991 werkte hij als journalist zowat overal in Europa en Zuid-Amerika voor verschillende bladen, waaronder the Economist, the Observer, the National Post (Canada) en the Miami Herald. Momenteel woont hij met zijn vrouw en twee kinderen in Londen. Liberales-kernlid Dirk Verhofstadt had een exclusief interview met Carl Honoré in Rotterdam.

Wij zijn verslaafd aan snelheid. Welke invloed heeft dat op ons leven?

Carl Honoré: Wanneer je in de geïndustrialiseerde wereld om je heen kijkt, zie je dat mensen volledig uit evenwicht zijn, wat zijn tol eist op het vlak van gezondheid. Stress, chronische vermoeidheid en depressies zijn allemaal gevolgen van deze opgedreven, te drukke en overwerkte maatschappij waarin wij leven. We kunnen met moeite relaxen en echt van dingen genieten. We zijn steeds bezig en zo gehaast dat we geen tijd noch rust hebben om nauwe en zinvolle contacten te onderhouden met familie, vrienden, partners en andere mensen. Door te onthaasten kunnen we hiervoor opnieuw tijd maken. Ook weten we niet meer wat genieten is. Op dat vlak biedt onthaasting een zeer belangrijk voordeel : je moet de dingen de tijd gunnen die ze nodig hebben en die ze verdienen om ze goed te kunnen doen en er volop van te genieten. Je kan het trager aan doen op je werk en beter werken en er meer van genieten. In onze overhaaste toestand scheren we over de dingen heen en vergeten we waar het leven echt om gaat.

U schrijft dat de Slow-stroming redding biedt. Hoe worden mensen er zich van bewust dat ze moeten onthaasten?

Carl Honoré: Het leven zoeft aan je voorbij tot we op een dag beseffen dat we vastzitten in de hoogste versnelling en we het idee dat sneller en drukker altijd beter is als vanzelfsprekend beschouwen. In culturen die snelheid als goed en traagheid als slecht bestempelen is het moeilijk af te stappen van deze denkrichting. Maar steeds meer mensen worden wakker geschud. Ze botsen plots tegen een muur : ze krijgen een hartaanval, een zenuwinzinking, een depressie of een chronische ziekte. Steeds jongere mensen hebben ermee te kampen. Gelukkig overkwam het mij niet. Ik werd daarentegen sentimenteel wakker geschud toen ik een reeks ‘Eén-minuutverhaaltjes voor het slapengaan’ wou kopen. Plots besefte ik dat mijn haast zodanig uit de hand gelopen was dat ik zelfs de dierbare momenten met mijn zoon op het einde van de dag wou versnellen.

Kunnen we vertragen zonder aan materiële welvaart, waar de meeste mensen toch naar op zoek zijn, in te boeten?

Carl Honoré: Ja, ik denk dat dat mogelijk is. Wanneer je het hebt over vertragen, denkt iedereen aan minder werkuren presteren, minder geld verdienen en minder consumeren. Voor sommige mensen is dat inderdaad zo, maar niet voor iedereen. Door te onthaasten kun je efficiënter worden en bijgevolg meer materiële welvaart genieten. We moeten onze prioriteiten evenwel opnieuw ordenen. Uiteindelijk wordt het nastreven van zoveel mogelijk materiële welvaart ondergeschikt aan tijd hebben om te vertragen en van het leven te genieten.

Een bekende groep die tot de Slow-beweging behoort, is de “Slow Food”-groepering. Wat is hun bedoeling?

Carl Honoré: Hun doel bestaat erin onze opvatting over eten opnieuw te bekijken. De snelheidscultuur heeft onze manier van eten aangetast, ze beïnvloedt de manier waarop we voedsel telen op de boerderij, het verschepen over de wereld, het verpakken en haastig opeten – vaak voor TV of al stappend op straat. Op die manier gaat elke voedingswaarde en ook elk sociaal genot ervan verloren. We moeten de kunst van het genieten van een maaltijd opnieuw ontdekken en zoveel mogelijk uit onze voeding halen. Slow Food moedigt een nieuw landbouwsysteem aan dat eerbied heeft voor plaatselijke culturele identiteiten, natuurlijke rijkdommen, duurzame veeteelt en de gezondheid van de consumenten.

Wat zijn de criteria voor steden en gemeenschappen om een ‘Citta Slow’ te worden?

Carl Honoré: De Slow Cities-beweging is een groep steden en gemeenten die de levenskwaliteit van hun burgers wil verbeteren. Zij perken het verkeer in, stimuleren mensen om te voet te gaan door straten verkeersvrij te maken, nemen milieuvriendelijke maatregelen, steunen artisanale voedselproducenten en moedigen gastvrijheid aan. Het verkrijgen van de officiële titel van slow city houdt een soort filosofische verklaring in waarbij je stad erkent dat onthaasting niet alleen goed is voor het individu, maar ook voor de gemeenschap. Wanneer mensen te voet gaan in plaats van de wagen te nemen, voelen ze zich nauwer met elkaar verbonden.

Meent u werkelijk dat slaap- en meditatiepauzes in bedrijven kunnen leiden tot meer mentale veerkracht en hogere productiviteit?

Carl Honoré: Ja, het is wetenschappelijk bewezen dat een kort dutje mensen productiever maakt. Yoga, Tai Chi of meditatie kan stress beperken, de gezondheid bevorderen en ons helpen creatiever te denken, waardoor we gelukkiger worden. Studies beweren dat yoga heilzaam is op medisch vlak, zoals bij de behandeling van depressies. Bovendien veroorzaakt het geen neveneffecten, wat met medicatie wel het geval is. Steeds meer bedrijven zetten hun personeelsleden aan enkele minuten een dutje te doen of te mediteren of gewoon in een rustige kamer te gaan zitten weg van alle telefoons en e-mails. Yoga wordt heel populair op de Britse werkvloer. Werknemers doen hun deur dicht, zetten hun telefoon uit, nemen een rustige pauze, drinken een kop thee en gaan daarna weer opgeladen en opgekikkerd aan de slag. Ik weet dat elke onderneming die deze onthaastingsmaatregelen heeft ingevoerd, er volledig achterstaat omdat hun personeel er beter door werkt.

U schrijft dat de klassieke geneeskunde meer aandacht moet besteden aan de mentale gezondheid van haar patiënten. Is alternatieve geneeskunde de oplossing?

Carl Honoré: Het biedt een deel van de oplossing. Je moet sceptisch blijven tegenover heel wat alternatieve genezingsmethoden. Het wetenschappelijke bewijs van hun werkzaamheid is nog steeds zeer onstabiel. Maar ik denk dat ze ons heel wat kunnen leren. Vele alternatieve therapieën zijn gebaseerd op onthaasting en sporen mensen aan het kalmer aan te doen en te relaxen. Zij benadrukken dat er een hechte band moet bestaan tussen de dokter en zijn patiënt, dat hij tijd moet nemen om te luisteren. Vaak is het gewoon voldoende naar iemand te luisteren om het natuurlijke genezingsproces op gang te brengen. Waar patiënten het meest een hekel aan hebben, is dat de dokter vaak zo gehaast is en dat zij de indruk hebben dat hij niet naar hen luistert. De gemiddelde duur van een raadpleging in het Verenigd Koninkrijk is amper zes minuten. Wat mensen het meest bevalt aan alternatieve geneeskunde is de traagheid. De raadpleging duurt een uur of een half uur en het gaat er zeer relaxed aan toe, de dokter kijkt hen in de ogen, luistert en neemt tijd om te praten over hun gevoelens en behandelingen, enz. Traag is een verzamelwoord voor een nieuwe manier van denken – het betekent dingen goed doen eerder dan ze snel te doen. Onthaasten houdt een betere gezondheidszorg in.

In Italië bestaat er zelfs een Slow Sex-beweging. Is de snelheidscultus ook aanwezig in de slaapkamer?

Carl Honoré: Zeer zeker. Daarover heb ik het ook in mijn boek. Ik denk dat alles wat we doen, van eten en werken tot vrijen, beïnvloed wordt door de “steeds meer”- en “hoe sneller hoe beter”-mentaliteit. Het draait allemaal rond kwantiteit en niet zozeer rond kwaliteit; het gaat erom zo snel mogelijk het einddoel te bereiken veeleer dan te genieten van de reis. Onlangs las ik het volgende in een mannenblad : hoe je vriendin een orgasme bezorgen in 90 seconden ? Alles moet zo snel mogelijk gebeuren en kwaliteit is daarbij helemaal niet belangrijk. Volgens mij moet je om goede seks te hebben zes uur tantristische technieken beoefenen. Het is belangrijk tijd te besteden aan seks en er een groter fysiek en emotioneel genot uit halen. Vooral vrouwen verstaan deze kunst. Zij weten wat je met trage seks kan bereiken.

Er is een wereldwijde trend om minder uren te werken. Maar de laatste jaren pleiten de politieke leiders in België, Nederland en Duitsland voor meer werkuren vanwege de vergrijzing van de bevolking.

Carl Honoré: Men gaat ervan uit dat het opdrijven van het aantal werkuren altijd de beste oplossing is. Niets is minder waar. De manier waarop je werkt is veel belangrijker dan hoe lang je werkt. We moeten een gezond evenwicht zien te vinden tussen kwantiteit en kwaliteit; er moet flexibiliteit zijn : als mensen langer willen werken, moet dat kunnen, maar als ze minder willen werken, moet dat evengoed mogelijk zijn. De Britten presteren de meeste uren, maar zij hebben een van de laagste productiviteitscijfers per uur. Of neem het verschil in verlofregeling in de VS en Europa. Amerikanen hebben gemiddeld twee weken verlof per jaar. Hier kan dit oplopen tot zes weken, en toch behoren de Belgen tot een van de meest productieve werknemers in de wereld. Indien we een klimaat scheppen waarin mensen niet de hele tijd gehaast zijn en leren het langzamer aan te doen na het werk, zullen ze minder vermoeid en dus productiever zijn. Maar om terug te komen op uw vraag, ik denk dat de hervorming van het pensioenstelsel in Europa een groot probleem is, waarvoor er, vrees ik, geen pasklare oplossing bestaat.

De meeste mensen zullen het eens zijn met de opvattingen in uw boek. Maar kan men het zich veroorloven langzamer te leven? Met andere woorden, is onthaasten niet voorbehouden voor de happy few?

Carl Honoré: Helemaal niet. Natuurlijk zullen een aantal aspecten van onthaasting – artisanale voeding, alternatieve geneeskunde, minder werken – niet in elk budget passen, maar iedereen kan manieren bedenken om de filosofie van minder doen en alles aan het juiste ritme doen, toe te passen. Kijk minder TV, beperk de naschoolse activiteiten van je kind, neem de tijd om je werk behoorlijk uit te voeren, eet aan tafel, mediteer of doe aan yoga, stap in plaats van de wagen te nemen, geniet van een langer seksueel voorspel, zet je GSM uit tijdens de weekends of weersta gewoon aan de drang om je onnodig te haasten. Al deze dingen liggen binnen het bereik van iedereen. Ons verstoord omspringen met tijd ligt deels aan de basis van onze snelheidscultuur. Vanwege onze sterfelijkheid willen we onze tijd maximaal benutten. Maar hoe kunnen we dat het best doen? Door tien dingen zeer snel, maar niet zo goed te doen, door oververmoeid en gestresseerd te zijn? Of door vijf dingen te doen, relaxed te zijn en van het leven te genieten? Ik denk dat onthaasting de beste keuze is. De hele wereld is in de ban van de westerse opvatting ‘time is money’ en de wereldeconomie wil dat mensen steeds sneller gaan. De Slow-beweging is een wereldwijde reactie tegen deze zienswijze.

Is de Slow-stroming de nieuwste rebellie tegen vooruitgang en moderniteit?

Carl Honoré: Neen, integendeel. Slow is zeer modern, het is de volgende stap voor de mensheid. In tegenstelling tot de naam gaat het er niet om de hele wereld af te remmen tot een slakkengang, maar wel om alles in het juiste tempo te doen : nu eens snel, dan weer langzaam, soms tussen beide. Traag zijn betekent de tijd nemen om het beste uit het leven te halen, je nooit haasten voor de lol.

Maakt de Slow-beweging deel uit van de anti-globaliseringstroming?

Carl Honoré: Ik denk dat de twee bewegingen elkaar overlappen. Onthaasting gaat om het scheppen van een betere, meer duurzame globalisering. Zoals de meeste bewegingen voor sociale veranderingen, is de Slow-beweging geen formele organisatie. Het is een bonte verzameling van individuen en groepen die dezelfde opvatting delen : beter leven door het wat kalmer aan te doen. Aan de basis ervan proberen Slow-activisten banden te smeden over de hele wereld. Overal staat het Engelse woord “slow” voor een betere, meer evenwichtige manier van leven. Italië heeft de Slow Food-, Slow Cities- en Slow Sex-bewegingen voortgebracht en de Japanners streven naar wat ze noemen Slow Life. Een Amerikaanse professor pedagogie heeft onlangs een manifest gepubliceerd over Slow Schooling. De Nederlandse uitgave van mijn boek heet Slow en de Duitse versie Slow Life. Het is overduidelijk dat onthaasting een wereldwijde trend is.

Op het einde van uw boek zegt u dat de Slow-beweging niet gekant is tegen kapitalisme, maar dat ze het wil redden. Wat bedoelt u hiermee?

Carl Honoré: Ik geloof ten volle in het kapitalistische systeem, maar ik denk dat het turbokapitalisme van vandaag ons snel naar een collectieve burn-out zal leiden. Kapitalisme kan een uitstekende manier zijn om meer voorspoed, meer vrijheid en meer creativiteit tot stand te brengen. Maar zoals we er nu voorstaan, lijken we enkel te bestaan om de economie te dienen in plaats van andersom. Kapitalisme heeft niet alleen snelheid, maar ook vertraging nodig. Het kan duurzamer groeien als het het belang van vertraging inziet.

Betekent snelheid het einde van het kapitalistische systeem?

Carl Honoré: Het is fataal voor de mensen die er deel van uitmaken en dat zal het systeem op termijn ook ondermijnen. Sommigen beweren dat, indien we het kapitalisme beperkingen opleggen, het ten onder zal gaan. In de 19e eeuw werd hetzelfde beweerd, toen mensen 15 uur per dag werkten en hervormers voor meer vrije tijd pleitten. Fabriekseigenaars voorspelden toen de ondergang van het kapitalisme. Maar het aantal werkuren werd ingekort en het kapitalistische systeem floreerde als nooit tevoren. Nu zegt iedereen dat we meer moeten werken om het BBP de hoogte in te jagen. Deze sublimering van de BBP-groei is evenwel misleidend, het BBP is geen god. We moeten een nieuwe groeimeter hanteren die rekening houdt met alle kosten die we moeten betalen voor de door het turbokapitalisme aangerichte schade aan onze gezondheid, ons sociaal welzijn en het milieu. Critici verwijzen vaak naar de VS met zijn hogere BBP-groei als model voor de rest van de wereld. Hoewel de Amerikaanse economie enorm dynamisch is, vertoont ze echter enkele grote barsten. Ongeveer 40 miljoen Amerikanen leven onder de armoedegrens; 45 miljoen hebben geen sociale zekerheid; meer dan 2 miljoen Amerikanen zitten in de gevangenis. Moet de hele wereld dit als voorbeeld nemen?

De Slow-stroming zou dus de redding kunnen betekenen voor het kapitalisme?

Carl Honoré: Jazeker, het zou tegelijk de mensheid kunnen redden. Steeds meer mensen realiseren zich dat ze moeten onthaasten. In ons binnenste weten we allemaal dat onze hectische manier van leven ongezond, onbevredigend en op termijn onhoudbaar is. Daarom juist snakken zo velen naar onthaasting.

Bent u niet wat te optimistisch? China, India en andere landen haasten zich om hun achterstand ten opzichte van westerse samenlevingen in te halen. Als we vertragen, zullen zij onze markten inpalmen.

Carl Honoré: Helemaal niet. Door te vertragen zullen we productiever en creatiever zijn. In de jaren tachtig ruilden heel wat verwerkende bedrijven de VS voor Mexico, maar de VS compenseerde dit verlies met de komst van de IT-industrie. De westerse landen zullen inderdaad een aantal jobs kwijtspelen aan de opkomende economieën, maar ik meen dat zij nieuwe vervangende industrieën zullen ontdekken. Trager staat niet voor minder productief maar juist voor het tegenovergestelde. Het doet het absenteïsme en onze uitgaven voor gezondheidszorg afnemen, het bevordert creativiteit en ondernemerschap. Onthaasting kan het kapitalisme redden.

Interview door Dirk Verhofstadt

Dit document werd afgeprint op de website van Liberales, een onafhankelijke, liberale denktank. Bezoek de website op http://www.liberales.be.

Kijk ook eens op:
biologisch-producten.nl
ekozine.nl
natuurvoedingsconsulenten.nl
biologisch-eten.nl
biologisch-wijnen.nl
biologischevis.nl
biologisch-voeding.nl
subsidiezonnepanelen.nl
010rotterdam.nl

Weg met die laptop, (lap) topless vergaderen.

Cittaslow is een Italiaans idee, een uitvloeisel van de slowfoodbeweging.

Cradle to Cradle in korte tijd populair met de slogan `afval=voedsel'.

Elektrisch rijden - Elektrisch vervoer

Elektrisch en Fietsen. De Elektrische Fiets. Steppen kan ook. De Elektrische Step.

 

 

▲Top

 

010productfotografie.nl

Slow Food Slow Life

010webdesign.nl